Mijn vijver is niet groot en niet uitgerust met een klaterend fonteintje of een waterval. Hij raakt inmiddels wat overgroeid, want telkens als ik planten wil weghalen, schieten er allerlei dieren in paniek vandaan. Ik laat het dus maar zo. Toch zou ik niet zonder vijver willen. Een vijver is niet alleen mooi, hij heeft ook een ecologische meerwaarde. Daarom: voor elke tuin een vijver!

Maak gebruik van wat je hebt

Heb je regelmatig last van wateroverlast in je tuin of is er een plek waar altijd water blijft staan als het flink geregend heeft? Dan heb je een unieke kans om een natuurlijk waterelement te maken. Graaf die ene plek nog wat dieper uit en maak er een poel van bijvoorbeeld. Of graaf op de gewenste plek een deel van de grond uit. Je kunt er een verdiept grasveld van maken of er moeras- en slootkantplanten zetten. Regenwater zal er zich vanzelf verzamelen waardoor je minder overlast hebt in de rest van de tuin. Met de uitgegraven grond creëer je wat hoger gelegen plekken, voor planten die van een drogere bodem houden.

Nuttig regenwater

Ga slim om met het gratis zachte regenwater dat in je tuin komt en gebruik het voor je vijver. Ik vang het regenwater van garagedaken op in helofytenfilters. Dat zijn bakken gevuld met een mengsel van grind en zand, waarin moerasplanten (helofyten) groeien. Ze filteren bladeren, vogelpoep en allerlei opgeloste stoffen uit het water, voor het naar de vijver loopt. Doordat die filters hoger staan dan de vijver komt er geen pomp aan te pas. De overloop loopt vanuit de helofytenfilters in een U-vorm naar de vijver, zodat ze nooit helemaal leeg komen te staan. Behalve wanneer ik ze in de winter leeg laat lopen om bevriezen te voorkomen.

Nog een eenvoudig systeem? Leid regenwater naar een deels ingegraven bak die ongeveer vijf centimeter boven de aarde uitsteekt. Laat hem vollopen met water en zet er enkele vijverplanten in. Graaf de grond errond licht af in een brede strook, zodat die lager is dan de omgeving. Daar plant je vochtminnende planten zoals kattenstaart, wilgenroosje of groot hoefblad. Bij buien wordt dit een mooi regentuintje.

Een vijver aanleggen

Heb je geen natte tuin? Dan ben je aangewezen op hulpmiddelen om water vast te houden. De meest eenvoudige manier om zelf een vijver aan te leggen is met EPDM-folie. Dat een vijver aanleggen niet gemakkelijk is, ontdekte ik toen ik mijn eigen folievijver maakte. Ik tuinier op vrij grove zandgrond en als ik niveaus probeerde te maken stortten ze gelijk weer in. Daarop maakte ik dan maar alles even diep en zette omgekeerde bloempotten op de bodem of stapeltjes stenen waarop ik manden met waterplanten zette. Daarin groeien nu de planten. En zie, ik heb er weinig omkijken meer naar.

Met stenen maakte ik trapjes zodat dieren de vijver vlot in en uit konden en vogels een ondiep plekje hadden om te badderen. Verder voorzag ik een deel van de wanden van oude tegels of dakpannen. Stapel de tegels of dakpannen vanaf de bodem tegen de binnenkant van de foliewanden. Door ze zo te stapelen dat er allerlei kieren en gaten ontstaan, maak je een prachtige plek voor dieren om zich te verstoppen en werk je de wanden weg.

Ga zelf aan de slag

Gelukkig heb ik intussen veel meer ervaring met de opbouw van een vijver. Een grote vijver kun je geleidelijk laten aflopen. Een helling van één meter omlaag per drie meter opzij is ideaal. Dieren kunnen er dan gemakkelijk in en uit, en planten en stenen zakken niet zo snel langs de wand naar beneden. Heb je weinig ruimte, gebruik dan allerlei bakken als minivijver. Zet ze in de (half)schaduw, zodat de temperatuur van het water niet te hoog wordt. Denk er wel aan dat ze ’s winters kapot kunnen vriezen als er water in blijft staan. Voor een kleinere vijver kun je het best niveaus uitgraven en de wanden rechtnaar beneden laten lopen.

Vaak zijn er drie niveaus: een moeraszone, een middenzone en de bodem. Om te voorkomen dat de waterpartij helemaal bevriest, maak je die bodem minstens tachtig centimeter diep. Zorg er bij het uitgraven voor dat er geen harde stukjes of wortels uit de aarde steken als je folie wilt gebruiken. Je kunt natuurlijk ook een voorgevormde vijverbak nemen, hoewel de diepte daarvan meestal minder is dan tachtig centimeter.

Geen pomp, maar planten

Je hebt geen pomp nodig om je vijver helder te houden en te voorkomen dat het water stilstaat of gaat stinken. Ik gebruik planten. Planten die van nature in water leven zorgen voor zuurstof. Kleine zuurstof belletjes borrelen naar het oppervlak en creëren een heel lichte stroming.

 Zone van ondergedoken planten Oever- en moerasplanten Drijf bladzone

Je hebt drie soorten planten nodig.
De eerste zijn zuurstofleveranciers.
Deze planten, zoals fonteinkruid
en aarvederkruid, staan volledig
ondergedompeld. Op de bodem van
een vijver zet ik meerdere mandjes neer en
ook nog een paar op het middelste niveau.
Je kunt er bijna niet genoeg van hebben.

  

De tweede groep zijn de helofyten of
moerasplanten. Het zijn vaak water-
zuiveraars. Gele lis en kalmoes behoren
tot de beste. Lisdodde en riet staan ook
bovenaan de lijst, maar omwille van hun
priemende wortels zet je ze beter niet
in een folievijver of vijverbak. Beplant
een derde van het vijveroppervlak met
moerasplanten voor een goede zuivering.
 

De derde groep bestaat uit bladplanten,
zoals waterlelies. Dankzij hun grote
bladeren schermen ze een deel van
de vijver af van zonlicht, wat op warme
dagen helpt om het water koel te houden.
Waterhyacint is ook een goede bladplant.
Hij zuivert sterk, maar is helaas niet
winterhard.

  

Vraag gratis je Seizoenen: het Velt-magazine

Dit artikel verscheen in Seizoenen, het tweemaandelijks magazine van Velt. In elk nummer ontdek je meer dan 40 pagina’s over ecologisch tuinieren, koken en leven. Met heel wat praktische tips waarmee je gemakkelijk zelf aan de slag gaat.

(C) Foto's: Stefan Jacobs