Eetbare siertuinen en bloemrijke moestuinen zijn erg in trek. Hét moment om een aantal eetbare biobloembol- en knolgewassen op de kaart te zetten.

Meer dan knoflook

Laten we de reis dicht bij huis starten. Daslook (Allium ursinum) is een bekende voorjaarsdelicatesse. Je mag de planten niet plukken in het bos, maar gelukkig verwilderen ze gemakkelijk op schaduwrijke plekken in de (bos)tuin, op voorwaarde dat de bodem voldoende vruchtbaar en vochtig is. Zowel de bollen als de bladeren en de sierlijke witte bloemen hebben rauw een heerlijk pittige knoflooksmaak.

In warme gerechten houd je het maar beter bij uien en knoflook. Standaard, denk je? Nee hoor, want er bestaan wereldwijd zo’n 700 soorten uien en look (van het geslacht Allium), die volgens liefhebbers sterk verschillen in smaak en toepasbaarheid in verschillende bereidingen. Laat je je (sier)uien en bies- of boslook in bloei komen, dan weet je ongetwijfeld dat de fraaie witte, gele, roze of lila bloemhoofden ook erg geliefd zijn bij insecten.

Ga eens uit de bol en zet biologisch pootgoed van een speciale Allium in je sierborder of bloembak, bijvoorbeeld spiraallook (Allium sativum var. ophioscorodon) met krullende bloemstengels, of goudlook (Allium moly) die in mei straalt met eetbare, boterbloemgele bloemen. Ben je erop uitgekeken? Dan eet je ze op!

Knapperige tulpenblaadjes

Als we vertellen dat ook tulpen eetbaar zijn, denk je misschien terug aan de oorlogsverhalen van (groot)ouders. In tijden van hongersnood werden oude, uitgedroogde tulpenbollen namelijk verwerkt tot een eetbaar, maar weinig smakelijk papje. Toch bewijzen sommige chef-koks dat verse tulpenbollen een plekje verdienen op de menukaart. Voor de tuinier lijken de eetbare bloemblaadjes me toegankelijker.

Eigen ervaring leert dat de knapperige bloembladen van grotere tulpen toetsen van radijs of witlof kunnen hebben. Ze doen het prima in salades. Of gebruik ze eens als ‘lepeltjes’ of wraps voor aperitiefhapjes. De bloemblaadjes van de heerlijk geurende botanische tulpjes (bijv. Tulipa tarda) smaken eerder zoet en passen perfect in een fruitsalade, op zoet gebak of in een fleurige gin-tonic.


Van links naar rechts: daslook, camassia en botanische tulp

Zoete bollen of geroerbakte knoppen

De sierlijke witte of blauwpaarse bloemtuilen van de indianenlelie of Camassia steken in de late lente hoog boven het lange gras uit. Bij ons zijn ze daarom geliefd als sierplant, maar indianenvolken en aanhangers van permacultuur weten er meer mee aan te vangen. Als je de bollen lang genoeg kookt of bakt (12 tot 36 uur, afhankelijk van de methode), breekt de onverteerbare inuline af tot zoete fructose en krijgen de bollen een bruin kleurtje. Bak ze daarna nog even aan in een koekenpan met wat peper en zout, en geniet van je unieke specialiteit!

Niet zo veel geduld? Probeer het dan eens met de bruine daglelie (Hemerocallis fulva), die je in veel tuinen, maar ook in de Chinese keuken terugvindt. Alle delen van de plant zijn eetbaar, maar het lekkerst zijn de geroerbakte gesloten bloemknoppen die smaken naar erwtjes en boontjes tegelijk. De grote, oranje bloemen zijn bovendien leuk als eetbare decoratie in soep.

Graaf je een dezer dagen je dahlia’s uit voor de winter, zwier dan niet meteen alle overtollige, afgebroken of beschadigde knollen op de composthoop. Dahia’s zijn verwant aan zonnebloem en aardpeer. Gepoetst en eventueel geschild kun je de knollen rauw of gekookt eten. De sappige, knapperige textuur lijkt enigszins op die van yacon, maar de smaak verschilt sterk per variëteit. Sommige rassen smaken flets, melig of wat bitter, andere hebben iets weg van wortel of appel. Experimenteer er dus op los en ga op zoek naar jouw favoriet!

Oogstplek

Vind je het jammer om je sierplanten op te eten? Zet er dan op voorhand een paar in je moestuin, pot of bak en beslis dat deze planten dienen om op te eten. Op deze manier kun je trouwens gemakkelijker alle bollen en knollen oogsten en eventueel van soort veranderen. Let wel dat de planten waarvan je wilt eten absoluut van biologische teelt moeten zijn. Je proeft ook het best eerst een kleine hoeveelheid voor het geval je een stof niet zou verdragen.