Deze week gaan we dieper in op een nieuw basisprincipe van de ecologische keuken: geef de boer geld voor zijn waar.

Voedsel maakt veel tussenstops vooraleer het op ons bord ligt. Elke schakel in het proces verdient een deel van de koek, maar de boer of (vee)teler krijgt vaak het kleinste aandeel. Toch is net die schakel cruciaal. Velt moedigt nieuwe productievormen zoals zelfplukboerderijen, groentemanden of Voedselteams aan en stimuleert verkoop rechtstreeks bij de bioboer. Zo krijgen boeren de kans een degelijk inkomen te verwerven op een ecologische manier en blijft het contact met de consument. Ook dat is duurzaamheid.

In deze reeks rond de basisprincipes van de ecologische keuken schetsen we het portret van één van deze bioboeren: Stijn de Roeck van Nooit geweten dat je dit kon eten in Lier, België. 


Portet van een biologische boer: Stijn De Roeck

Stijn De Roeck kweekt in zijn biologisch landbouwbedrijf Nooit geweten dat je dit kon eten groenten, fruit, kruiden en bloemen. Hij startte zijn bedrijf in 2013, zowaar met de hulp van het Handboek ecologisch tuinieren van Velt. 

Daarvoor was Stijn gedurende enkele jaren weg aan het zoeken in het buitenland waar hij oa mensen hielp met tuinieren. Toen hij er zijn tanden zette in een zelfgeteelde tomaat, werd hij zo overmeesterd door de smaak, textuur en sappigheid van deze lekkernij dat hij deze sensatie wou delen. Vanaf toen wist Stijn dat hij wou tuinieren in België om zo iedereen van gezond en smaakvol voedsel te voorzien. 

Terug in België kwam Stijn via een zoekertje op de website van Velt in contact met iemand die op zoek was naar een zelfstandige groenteteler voor zijn restaurant. Aan de hand van het Handboek ecologisch tuinieren van Velt kreeg Stijn de kunde en kennis om zelf te starten als bioboer. In 2013 richtte hij het biologisch landbouwbedrijf Nooit geweten dat je dit kon eten op in Lier. Ondertussen kweekt hij er wel 200 gewassen: bloemen, kruiden, groenten en fruit. In 2021 zal het bedrijf ook officieel biologisch gecertificeerd zijn. 

Stijn is overtuigd van de biologische manier van produceren. Hij gebruikt bovendien geen gemotoriseerde apparatuur en bewerkt de grond zo weinig mogelijk om het natuurlijk evenwicht te bewaren. Het doel is een zo gezond mogelijk en voedingsrijk groente-, fruit- en kruidenpalet, iets wat enkel mogelijk is met biologische landbouw. 

Eerlijke prijs

Om een eerlijke prijs te bekomen verkoopt Stijn zijn waren op de boerenmarkt van Boeren & Buren, het Belgische korteketennetwerk. Sedert drie jaar is hij bovendien mede-coöperant van De Volle Grond. De Volle Grond levert aan een tiental restaurants in Antwerpen. Ook kunnen consumenten rechtstreeks bij Nooit geweten dat je dit kon eten producten kopen van mei tot en met oktober. En tot slot werkt Stijn met abonnementen en verkoopt hij een twintigtal groentemanden per week. Dit alles zorgt ervoor dat Stijn een faire prijs krijgt voor zijn groenten. Hij bepaalt ook zelf zijn prijzen mits rekening te houden met de marktprijs. 

Voor dit inkomen moet Stijn wel stevig uit de pijp komen. Het werkschema van een biologische boer is niet van de poes. Gedurende de wintermaanden werkt Stijn een paar uur per dag, maar naar de lente toe loopt dit op tot 40u per week gedurende drie maanden. Daarna volgt de drukste periode: 70 à 80 uur per week waarbij Stijn hulp krijgt van twee seizoensarbeiders en familie. Dit alleen al is één van de redenen waarom Stijn een eerlijke prijs verdient voor al dit werk.

Tijdens corona kreeg Nooit geweten dat je dit kon eten geen steun van de Belgische overheid. In 2019 ging 70% van de oogst naar de horeca, maar in 2020 viel deze helemaal weg. Toch ervaart Stijn corona als licht positief. Dankzij het virus zijn heel wat mensen immers opnieuw stil gaan staan bij waar hun eten vandaan komt. Iets wat zich ondermeer vertaalde naar meer particuliere klanten bij Nooit geweten dat je dit kon eten.  

Meer informatie