In een wintertuin moet het wat mij betreft minstens één keer sneeuwen. Want met een laagje sneeuw is een winterse tuin op zijn mooist. Hoewel de sneeuw het landschap lijkt te verstillen, gebeurt er wel wat onder de oppervlakte.

In de kou

In de winterkou gaan veel organismen in rust. Hun stofwisseling vertraagt, zodat ze minder energie verspillen op een moment dat voedsel schaars is en het veel calorieën kost om hun lichaam op temperatuur te houden. Zo zijn planten en bomen in de winter nog wel actief, maar op een veel lager pitje dan op andere momenten in het jaar. Ook de afbraak van stoffen in de bodem neemt af.

Veel van de micro-organismen die hiervoor verantwoordelijk zijn, worden trager naarmate het kouder wordt. Vooral bij aarde die blootstaat aan de wind, wordt warmte gauw afgevoerd. Kale aarde koelt dus sneller af. Kwetsbare planten en dieren die in koude grond overwinteren kunnen het moeilijk krijgen om te overleven. Dringt vorst tot diep in de grond door, dan lopen dieren en plantenwortels de kans te bevriezen. Een deken van gevallen bladeren werkt als een isolatielaagje en verkleint die kans.

Isolerend deken

Naast bladbedekking heeft de natuur nog een ander trucje om de bodem te bedekken. Een laag sneeuw! Sneeuw vormt een isolerende deken. Hoe dikker de laag sneeuw, hoe beter de warmte in de aarde wordt vastgehouden. Hoe warmer de bodem blijft, hoe actiever de organismen in de bodem zijn en hoe groter de kans dat planten en dieren overleven. De kleine beetjes smeltwater die de sneeuw afgeeft, zijn ook ideaal voor overwinterende planten.

Te veel sneeuw kan zo zwaar zijn voor kale takken van loofbomen dat ze breken. Dus als het heel enthousiast heeft gesneeuwd, schud je het best even aan doorhangende takken. Ik zet daarbij altijd mijn capuchon op, anders verander ik in een sneeuwpop. Zelf heb ik geen geen gazon, maar ik krijg wel vaak de vraag of sneeuw erop kwaad kan. Gelukkig is dat niet zo, want de sneeuw komt losjes over de sprieten te liggen en laat kleine beetjes lucht en zelfs zonlicht door. De sneeuwlaag verstikt het gras dus niet. Integendeel: het gras profiteert zelfs van het smeltwater.

Loop niet over een besneeuwd gazon, want door de druk wordt de lucht uit de sneeuw geperst en dat kan het gras wel beschadigen.

Wat met paden?

Hoe mooi sneeuw ook is, toch vinden we het niet overal even leuk. Paden veranderen bijvoorbeeld al snel in een ijsbaan. Gebruik geen zout om de sneeuw te verwijderen, want waar zout planten raakt of bij hun wortels komt, beschadigt het de levende cellen. Op paden lost het zout op en vloeit het met het smeltwater de grond in. Daar hoopt het zout zich op en dat maakt het voor bodemmicroorganismen en plantwortels moeilijk om te overleven. Wat uitspoelt komt in het grond- en oppervlaktewater terecht.

Daar kan het zelfs met lage concentraties de dieren die erin leven vergiftigen. Zodra het zout in water aanwezig is, is het bijna onmogelijk te verwijderen. Dus je kunt de sneeuw maar beter wegscheppen of vegen. Dat is weliswaar het meeste werk, maar ook de meest effectieve methode. En in plaats van zout strooi ik liever zand of zaagsel.

Tekst en foto's: Iris Veltman